Wormen

Onder de naam ‘parasiet’ verstaan we een organisme dat leeft ten koste van zijn gastheer. Alle wormen die we bij paarden terug vinden behoren tot deze groep. Gezien de manier waarop paarden tegenwoordig gehouden worden (vaak kleine “overbegraasde” weiden) is het zo goed als onmogelijk om een paard wormen vrij te krijgen. Wat wel kan is de infectiedruk verlagen en klinische symptomen vermijden.

Welke wormen zijn er?

Rondwormen
Grote strongyliden
Met de benaming ‘bloedwormen’ wordt eigenlijk enkel deze soort wormen bedoeld. Ze migreren vanuit de darm naar de bloedvaten en komen via het bloed uiteindelijk terug in de dikke darm terecht.

Deze wormen kunnen koorts, verminderde conditie en koliek veroorzaken maar eveneens ook manken. Doordat de wormen doorheen de bloedvaten migreren worden niet alleen de bloedvaten van de darmen beschadigd maar soms ook de slagaders van de achterbenen, waardoor ernstig manken ontstaat.

Door het gebruik van goede ontwormingsmiddelen is het belang van deze parasiet in België en Nederland sterk verminderd.

Kleine strongyliden (cyathostominae)
De larven van deze wormen blijven de ganse tijd in de darmwand en kunnen er zelfs een soort winterslaap houden. We vinden ze voornamelijk terug in de dikke en blinde darm van het paard. Deze wormen komen op dit moment veruit het meest voor, omdat de larven die in winterslaap zijn (geëncysteerd), ongevoelig zijn voor de meeste ontwormingsmiddelen.

Paarden die besmet zijn met deze kleine strongyliden kan men ze soms met het blote oog in de mest zien (dunne rode wormpjes, niet groter dan 1,5cm).

Lintwormen (cestoden)
In tegenstelling tot de voorgaande soorten zijn deze wormen afgeplat. De eitjes van de lintwormen worden opgegeten door kleine insecten (mosmijten) die op het gras leven. Deze mijten worden op hun beurt opgegeten door paarden die de weide begrazen.

De volwassen lintwormen vinden we voornamelijk terug op de overgang van dunne naar blinde darm.

Symptomen

De symptomen zijn sterk uiteenlopend.

Paarden met cyathostominae zijn vaak mager, hebben een dof haarkleed, een slechtere conditie. Ze kunnen diarree hebben (vnl. in de herfst en winter) of zelfs koliek.

Zoals boven vermeld beschadigen de grote strongyliden de bloedvaten en kunnen ze ernstige koliek en/of manken veroorzaken. Verminderde algemene conditie, koorts en diarree kunnen ook voorkomen.

Het belang van lintwormen is nog niet zo lang aangetoond. Doordat de lintwormen op de overgang van de dunne naar blinde darm zich vasthechten ontregelen ze de normale darmbewegingen en kunnen ze ernstige koliek veroorzaken waarbij de dunne darm uitstulpt in de blinde darm (caecum).

Algemeen kan gesteld worden dat parasitaire besmettingen nog altijd een zeer belangrijke oorzaak zijn van een verminderde algemene conditie, diarree en koliek.

Behandelen en voorkomen van worminfecties

Om te beginnen, een aantal belangrijke basisprincipes:

  • Ontworm altijd alle paarden gelijktijdig! Komt er een nieuw paard aan op de stal, beschouw hem dan als een paard dat een worminfectie heeft en ontworm minimum
    enkele dagen voordat hij op de weide komt.
  • Verwijder minstens één maal per week de mest van de weide.
    Indien mogelijk, kan je de weide in verschillende stukken indelen en de groep paarden laten roteren tussen de verschillende percelen. Op die manier wordt de weide niet constant begraasd en herbesmet met wormeneitjes. De bedoeling is dus dat er steeds een perceel is waar geen paarden op komen en dat het gras de tijd krijgt om bij te groeien (waardoor tevens de wormenbesmetting daalt).

Herkauwers (runderen of schapen) zijn minder kieskeurige eters dan paarden en zorgen voor een mooie gelijk afgegraasde weide. Het parallel begrazen met herkauwers doet eveneens de parasitaire infectiedruk dalen.

  • Ook paarden die nooit op de weide komen hebben wormen en dienen regelmatig ontwormd te worden.
  • Ontworm voor het juiste gewicht. Dus onderschat het gewicht van je paard niet (liever een beetje over- dan ondergedoseerd) !
Welke wormkuur?

Er zijn zeer veel wormenkuren op de markt te verkrijgen en voor veel paardeneigenaars is het moeilijk om door de bomen het bos te zien. Ten eerste dient er op gewezen dat er een toenemende resistentie is tegen de wormkuren die benzimidazolen bevatten (vb. Telmin, Panacur,…).Wormen worden dus niet meer afdoende gedood door deze producten. Als je deze wormkuren toch nog gebruikt, ontworm je paard dan ten laatste 4 weken later met een ander (beter) ontwormingsmiddel. En beperk het gebruik tot één maal per jaar.

Tegenover ivermectine is er nog slechts weinig resistentie, gebruik deze producten dan ook als standaard wormenkuur. Een maal om de 2 maanden ontwormen is voldoende, om de besmetting van je paard (en de weide) binnen de perken te houden. Enkele beschikbare wormkuren zoals Furexel, Eqvalan, Eraquell… Moxidectine (vb. Equest) is een ivermectine die nog langer werkt en deze zou ook gedeeltelijk de wormenlarven in de darmwand
uitschakelen. Pas na 3 maanden worden er terug eitjes in de paardenmest gevonden.

Gebruik geen Moxidectine (zoals Equest of Equest Pramox) bij veulens jonger dan 4 maanden!

We raden aan om 1 tot 2 maal per jaar een wormkuur te gebruiken die OOK tegen lintwormen werkt. Hiervoor kan een dubbele dosis pyrantel (vb. Horseminth) gebruikt worden. Na 5 weken moet je paard wel terug behandeld worden met een ivermectine-ontworming.

Momenteel zijn er ook enkele combinatie wormenkuren die een ivermectine/moxidectine combineren met praziquantel dat werkt tegen lintwormen: vb. Equimax en Eqvalan Duo waarbij gedurende 2 maanden geen eitjes meer worden teruggevonden in de mest,
terwijl dit 3 maanden is bij vb. Equest pramox.

We gebruiken moxidectine (vb. Equest en Equest Pramox) slechts 1 tot 2 maal per jaar om resistentie te voorkomen.

Enkele algemene ontwormingsschema’s:paard_ontwormingsschema
Opgelet: Gebruik geen moxidectine (vb. Equest of Equest Pramox) bij veulens jonger dan 4 maanden!

Deze schema’s kunnen als leidraad dienen. Toch moet het ontwormingsplan bedrijf per bedrijf (paard per paard) bekeken worden. Zo zal er op een manege waar de paarden dagelijks op een kleine weide mogen grazen meer ontwormd moeten worden dan op een grote weide waar enkel een pony en enkele schapen staan.

Ook het ontwormen van drachtige of lacterende merries en veulens dient zorgvuldig te gebeuren. U kan steeds bij ons terecht voor al uw vragen hieromtrent.